homepage
line

Niet lang genoeg samenwonen

Partners kunnen tegen een gunstig tarief en met een grote vrijstelling voor de erfbelasting van elkaar erven. Daarvoor moeten zij wel aan de door de Belastingdienst gestelde voorwaarden voldoen.

De grote partnervrijstelling bedraagt op dit moment € 661.328. Blijft het erfdeel onder dat bedrag, dan hoeft de partner geen erfbelasting te betalen. Daarboven betaalt de ervende partner tien tot twintig procent erfbelasting.

De grote partnervrijstelling geldt niet alleen voor gehuwden en stellen die een zogenaamd geregistreerd partnerschap zijn aangegaan. Ook samenwoners die langer dan vijf jaar op hetzelfde adres ingeschreven staan bij de Burgerlijke Stand en een gemeenschappelijke huishouding voeren kunnen een beroep op de vrijstelling doen. Voor samenwoners die minder lang samen staan ingeschreven is er ook nog een kans. Als zij minimaal een half jaar voor het overlijden bij de notaris een samenlevingscontract hebben gemaakt én tezamen staan ingeschreven en een gemeenschappelijke huishouding voeren komen ook zij in aanmerking voor de grote vrijstelling.

Nu komt het weleens voor dat samenwoners overvallen worden door het vroegtijdig overlijden van één van de partners. Als zij dan nog niet aan de eisen voor de vrijstelling voldoen kunnen zij een beroep op de hardheidsclausule doen om de pijn iets te verzachten. Als het beroep wordt gehonoreerd wordt de langstlevende voor de erfbelasting niet volgens het ‘vreemdentarief’ van dertig tot veertig procent belast. De lagere tariefgroep voor partners van tien tot twintig procent is dan van toepassing. Op de grote partnervrijstelling kunnen zij via de hardheidsclausule helaas geen aanspraak maken.

Uit het voorgaande blijkt dat het zinvol is om uw zaken tijdig te regelen. Ook als u nog niet weet of u gaat trouwen of een geregistreerd partnerschap aangaat, is het regelen van een samenlevingscontract om de tijd te overbruggen, aan te raden. Een forse aanslag erfbelasting bij plotseling overlijden kan daardoor voorkomen worden.

Bron: Ministerie van Financiën 9 oktober 2020, nr 2020-0000122796.